TACARE
Toen Jane Goodall haar wereldberoemde studie naar chimpansees in het nationale park Gombe in 1960 begon, was het park aan alle kanten omringd met bossen: de chimpansees die zij bestudeerde, konden zich vrij bewegen binnen en buiten de grenzen van het park. Inmiddels is het grootste deel van het omringende bos verdwenen, waardoor het leven van de chimpansees en veel andere diersoorten wordt bedreigd.
In 1994 lanceerde het Jane Goodall Instituut het programma TACARE (Lake Tanganyika Catchment Reforestation and Education; uitspreken als "Take Care") als een direct antwoord op deze uitdaging. Het programma is ontworpen om armoede aan te kaarten en duurzame leefgemeenschappen in dorpen rond Kigoma, de dichtstbijzijnde stad naast het Gombe National Park te ondersteunen, waarbij wordt voorkomen dat er nog meer bos verdwijnt. Het project is gericht op socio-economische ontwikkeling in leefgemeenschappen en biedt training en onderwijs in een duurzaam gebruik van natuurlijke grondstoffen, landbouw en bebossing. Het project kaart tevens gemeenschappelijk gezondheid en de behoefte aan onderwijs aan. TACARE biedt een innovatief model voor de aanpak van natuurbehoud rondom leefgemeenschappen dat zowel de behoeften van de mens in acht neemt alsook de waarden van natuurbehoud promoot. Het hoofdkantoor van TACARE bevindt zich in de stad Kigoma. Er werken 30 dorpen in de omgeving van Gombe mee aan het project.
In het kader van voorlichting en educatie is onlangs een vierde educatiecentrum geopend. Naast het aanleren van duurzame landbouwtechnieken, wordt er hier o.a. aandacht besteed aan gezondheidszorg, aids preventie, bouwprojecten en economische en maatschappelijke ontwikkeling door middel van een microkredietprogramma. Door de mogelijkheden die TACARE de bevolking biedt, zijn ze in staat hun eigen levensstandaard te verbeteren en een goede toekomst voor hun kinderen te creëren.
Gefruda Damian en haar gezin zijn actieve deelnemers aan het TACARE-programma en werken samen andere dorpelingen in een microkredietprogramma dat hun leven aan het veranderen is. Hier kunt u Gefruda's verhaal lezen.
Toen Jane Goodall in 1960 met haar onderzoek begon was het gebied zeer bosrijk. Het woud reikte van de stad Kigoma naar het zuiden en in het noorden tot de grens met Burundi. Nu ziet men alleen nog maar bomen in het 15 kilometer lange Gombe National Park langs de oostkust van het Tanganyikameer. Alle vegetatie is verdwenen, de heuvels zijn kaal en de eens zo vruchtbare grond spoelt het meer in. Deze snelle en tragische ontbossing is het gevolg van de groeiende bevolking in de omgeving. Er kwamen steeds meer mensen die hout nodig hebben voor hun vuren en land voor hun schrale gewassen. Door het omhakken van de vele bomen in de omgeving moet men steeds verder trekken om hout te verzamelen. Vandaag de dag moeten de vrouwen wel zes uur lopen om genoeg brandhout te halen voor hoogstens vijf dagen.


Om verdere ontbossing tegen te gaan wordt de bevolking getraind in goedkope en simpele technieken om zelf bosgrond, voor gebruik als brandhout, aan te leggen. Met behulp van de speciaal ontworpen, energiebesparende ovens kan men het houtverbruik nog verder terugdringen. Daarnaast worden er door de plaatselijke bevolking bomen geplant onder toezicht van het TACARE project. Ook voorzien deze bomen de bevolking van fruit, hout en inkomen in de toekomst. De bevolking hoeft deze bronnen niet meer in het regenwoud te zoeken en op die manier blijft deze behouden. Er zijn verschillende kwekerijen opgezet voor groenten, fruitbomen en bomen geschikt als brandhout. Deze kwekerijen liggen verspreid door het hele gebied.
JGI Nederland ondersteunt dit aspect van het TACARE project met de uitgifte van boomcertificaten. Lees hier meer over.
Naast programma's op het gebied van landbouw en herbebossing helpt TACARE de bevolking bij bouwprojecten. Zo wordt er door specialisten uitleg gegeven over diverse bouwconstructies. Daarnaast worden de deelnemers getraind in het zelf vervaardigen van materialen. Hierdoor wordt de bevolking in staat gesteld met weinig middelen zeer solide bouwwerken neer te zetten.


Kigoma is de enige regio in Tanzania waar, op aanzienlijke schaal, palmolie wordt geproduceerd. In 1998 is het TACARE-programma gestart met een selectieproject voor de palmolie-plantages. In samenwerking met het Ministerie van Landbouw in Tanzania werd er een zeldzame palm gekruist met de gangbare soort. Door grote pitten te kruisen met één die zeer olierijk is, ontstond een soort waarmee de olieproductie kan worden verviervoudigd. De specialisten van TACARE onderwijzen de plaatselijke bevolking in het gebruik van deze nieuwe soort en in duurzame landbouwtechnieken. Aangezien het verbouwen van olienootpalm de grootste inkomstenbron in deze regio is, zal een hogere olieproductie een positieve bijdrage leveren aan de inkomsten en de levensstandaard van de bevolking in Kigoma.
Colofon | Copyright 2010 - 2012 © Jane Goodall Instituut Nederland